Hansje van Halem

Dude interview: met een sterk en herkenbaar eigen handschrift drukt Hansje van Halem al vijftien jaar een stempel op de Nederlandse grafische vormgeving.

tekst door Viveka van de Vliet, portretfoto door Valentina Vos

Wil je na dit interview meer weten over het werk van Hansje van Halem? Ga dan op 24 september naar AGI Open of op 2 oktober naar BNO Creative Café. Hansje maakt op beide events deel uit van het programma.

Haar haast psychedelische, bedwelmende digitale bouwsels zijn gebaseerd op een complexe systematiek, waarbij ze graag letters en achtergrond met elkaar verweeft. Het is een sterk en herkenbaar eigen handschrift waarmee Hansje van Halem vijftien jaar een stempel op de Nederlandse grafische vormgeving drukt. "Ik ben constant bezig om zelf-opgelegde regels en structuren die nodig zijn om tot een vorm te komen te overtreden." De nieuwe identiteit voor muziekfestival Lowlands en het boek Theory of Type Design van Gerard Unger vormen twee voorlopige kronen op haar carrière als art director en vormgever.

De studio van de zelfbenoemde vakidioot in Amsterdam Oost is een mix van bibliotheek, werkplaats, bontkleurige affichezuil, en een ouderwetse kantoorboekhandel met zelfgemaakte kantoorartikelen: een kastje waarin haar schutbladencollectie ligt opgeslagen. "Vroeger vulde ik gaten tussen mijn werkzaamheden op met tekenen, nu maak ik schutbladen als kers op de taart", zegt Hansje van Halem. Ze noemt haar studio chaotisch. "Orde brengen vind ik heel prettig. Dat lukt niet in mijn eigen omgeving, maar wel in de computer." Ondanks dat Van Halem op de computer werkt, hebben haar ontwerpen iets handmatigs. 
Foto: Hansje van Halem, fotograaf Valentina Vos

Het lijkt of ze met eindeloos geduld letters schetst, als een architect die een digitaal bouwwerk maakt uit caleidoscopische, geometrische patronen, of een noeste kantklosser die uit talloze draden fijnmazige typografie spint en je blik bedwelmt met bewegende batikmotieven. Zo zoekt ze in haar typografische experimenten de spanning op tussen een complexe systematische benadering, leesbaarheid en onregelmatigheid, en speelt ze een slim spel met patronen, textuur, typografie, het handmatige en het digitale. Het maakt haar werk herkenbaar, maar door die complexiteit en het experimentele leidt het nooit tot verzadiging of een vormtrucje. 

Scriptje

Voor haar opdrachten houdt Hansje van Halem het hele productieproces in eigen beheer, deels omdat ze de opdrachten in haar eentje aankan, maar deels ook uit onmacht. "Tijdens het ontwerpen weet ik niet waar het heengaat totdat het af is. Bij zo’n organisch ontwerpproces als het mijne maak ik dingen die zó aan mij zijn vastgeklonken, dat ik de enige ben die het kan maken. Het is dan haast onmogelijk iets uit handen te geven of iemand erin mee te nemen," verklaart ze.

Maar zoals vaker gebeurt met ontwerpers die plots met een grote opdrachtgever werken moest Van Halem haar praktijk wel op een andere manier organiseren toen de directeur van Lowlands, Eric van Eerdenburg haar in 2017 vroeg als art director. Het muziekfestival bestond vijfentwintig jaar en dat was reden om een opvolger te zoeken voor Peter te Bos, die maar liefst drieëntwintig jaar hoofdontwerper was geweest. Lowlands wilde laten zien dat ze jong is en niet terugblikt, maar opnieuw begint. Jarenlang was het festival binnen enkele uren uitverkocht, nog voordat het programma bekend was. Maar de mensen die per definitie een kaartje hadden werden ouder en haakten af, terwijl de nieuwe generatie bij de wildgroei van andere festivals een thuis vond. Zij moesten verleid worden om naar Lowlands te komen. 

"tijdens het ontwerpen weet ik niet waar het heengaat totdat het af is"

Daar ging Hansje van Halem mede voor zorgen. Vanuit de opdrachtgever waren er enkele wensen, zoals een herhaalbaar  en overdraagbaar ontwerp waar het liefst beweging in zat. Verder werd ze in alle vertrouwen vrijgelaten. Haar ambitie was iets te ontwikkelen met bewegende letters, zegt Van Halem. Een visuele identiteit met zoveel uitingen – een festivalkrant, de mobile first website van Fabrique, social media, banners, polsbandjes, tentdoeken, bewegwijzering etc. – kan alleen slagen met één helder uitgangspunt; het werd een grid van horizontale en verticale lijnen waaruit telkens andere letters vormen. 

Omdat het haar vier uur kostte om een visual te maken en ze dat onmogelijk in hoog tempo het hele jaar kon blijven doen, vroeg ze typograaf en programmeur Just van Rossum die een week later al een prototype van een scriptje had. Heel toepasselijk werd het lijnenpatroon op de website beweeglijk gemaakt, waardoor de letters op allerlei manieren ritmisch en hypnotiserend gingen dansen. Door kleine programmatische ingrepen in de systematiek van lijnen die letters vormen, kunnen de letters er elk jaar anders uitzien.  

Odoo CMS - een grote afbeelding

A2-poster voor Herman de Vries (2018) in Galerie Block C in Groningen 

Een jaar later, in 2018, vroeg Van Halem motion designer Jurriaan Hos (die samen met zijn broer Merijn Hos ook voor de vormgeving van Mojo’s festival Down the Rabbit Hole zorgt) om met de stijl van Van Halem en het systeem van Van Rossum eigen animaties te ontwerpen. "Wat vroeger stilstaand was, wordt nu geanimeerd tot leven gebracht en dat is supertof", zegt ze. 

Kuikentjes

In het eerste jaar van Lowlands werkte  Van Halem toch zoals ze altijd doet, en zoals haar typeert: met behulp van de software van Van Rossum ging ze dag en nacht en in het weekend door totdat iets af was. Maar terwijl ze werkte aan plan A, werkte ze uit onzekerheid plan B en C ook helemaal uit als een recept. Om maandag te zeggen: Poeh, die deadline heb ik weer gehaald. Voordien kwam ze weg met deze crash-and-burn-methode, waarbij ze altijd even bij kon komen als een opdracht naar de drukker ging. Maar Lowlands gaat elf maanden per jaar door. Dat heeft Van Halem uiteindelijk gedwongen efficiënter te werken, bijvoorbeeld door haar tijdrovende, ingewikkelde recepten
Foto: Lowlands 2017-2018

in code te vatten en door iets te ontwerpen waar anderen wél aan kunnen doorwerken. Door de algoritmes in de software kan ze nu haar handschrift uitbesteden. 

"Anderen kunnen er fantastisch mee doorontwerpen, er zitten nu dingen in de vormgeving waar ik niet aan heb gezeten", vertelt ze. Ook nam Van Halem voor het eerst een assistent. Dat werd Marjolein Rinckes, die een periode heel intensief met haar samenwerkte en Van Halems paardenkracht wist te combineren met een praktische, nuchtere aanpak. Zij maakte duidelijk dat de ingewikkelde manier van werken die Van Halem nu eenmaal gewend was, in sommige gevallen makkelijker en sneller kon. 

Odoo CMS - een grote afbeelding

Na een leerzaam eerste jaar met wat kinderziektes, loopt alles nu meer als een geoliede machine. Er is gekozen voor zelfstandig werken op afstand. "Ik dacht altijd dat als je bedrijf groter wordt, anderen bij je in de ruimte moeten zitten die je werk uit handen te nemen en dingen doen die ik niet kan. Maar ik wilde niet de rol van directeur die de hele dag aanwijzingen geeft en die het dan mist om zelf te ontwerpen", zegt Van Halem.  

"de computer is een soort generieke dictator die ik wil uitmelken"

Ze neemt een voorbeeld aan Peter Bil’ak. "Die bouwt een imperium, en werkt met een groot aantal mensen samen, allemaal vanuit hun eigen plek." Ze heeft geleerd iets meer los te laten en er boven te hangen. "Dat iedereen op afstand via Whatsapp plaatjes doorstuurt waar we op reageren, werkt heel prettig. Het voelt als een luxe." Ook snapt ze nu pas de inhoud van haar functie als art director. "Het betekent voor mij dat ik in een laboratorium een ei moet leggen en daar een Just of een Marjolein voor nodig heb. Mijn taak bestaat uit hoe we dat ei uitbroeden en hoe we de kuikentjes opvoeden."

Odoo CMS - een grote afbeelding

Foto: Lowlands 2017 Armadillo

Bubble

Voorheen was iets pas echt als het uit de printer rolde. Een dag niet geprint is een dag niet geleefd, was het adagio van Van Halem. Het beeldscherm was nep en wat uit de computer rolde was echt. "Vroeger maakte ik een foto van mijn werk voor op mijn website, nu sturen we een plaatje naar onze mobiel om te kijken of het werkt en vind ik iets pas echt als ik het online heb gezet. Veel ontwerpen zijn voor het beeldscherm. Daarmee bereik je heel veel mensen, en ik zie beweging als winst. Maar het fysieke en vluchtige vind ik een gemis." 

Van Halem is de eerste generatie die geheel met de computer is opgeleid. Voor deze generatie werd de computer iets anders dan een machine die analoog werk vertaalt naar een digitale omgeving. Het werd een onderwerp, een autonome gereedschapskist. "De computer is een soort generieke dictator die ik wil uitmelken. Een sterk beeldende wijze van typografie bedrijven is een manier om uniek te zijn, om iets te maken wat niemand anders kan en waarvan je niet snapt hoe het is gemaakt", zegt ze. Het digitale handwerken dat zij beoefent doet Van Halem denken aan kantklossen. "Omdat je ziet dat er heel veel uren in zijn gestopt en het vanzelf mooi wordt."   

Foto: coverontwerp voor Theory of Type Design (Uitgeverij NAi010, 2018)
Aan de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten in Den Haag leerde ze werken met grafische software zoals QuarkXPress, Illustrator en Fontographer. Nu werkt ze vooral in Illustrator, en volgde ze After- Effectscursussen om te experimenteren en te leren denken met de factor beweging. Dankzij de digitale tekenpen komt haar handwerk rechtstreeks tot leven in de computer. Vergeleken met het oude proces van schetsen, scannen en omzetten naar vectoren was dat een grote stap voorwaarts. "Het feit dat de computer nu fysiek iets voor je kan maken, zoals met een 3D-printer, vind ik interessant."  

Zo goed als ze op de hoogte is van de nieuwste ‘computergadgets’, geldt dat niet voor wat er momenteel speelt onder studenten. Omdat ze geen les meer geeft en het liefst in haar eigen ontwerpbubble zit, voegt ze toe. Sinds haar afstuderen tot 2014 gaf Van Halem les, onder andere op de HKU, en workshops in binnen- en buitenland. "Wat ik doe is zo specifiek, dat is geen methode", verklaart ze haar beweegredenen om te stoppen. "Ik gaf boekontwerples, maar maakte zelf nauwelijks meer boeken. Ook vond ik dat ik eerst moest snappen hoe het vakgebied veranderd is, want ik ging uit van een luxepositie.  

Odoo CMS - een grote afbeelding

Foto: tentoonstelling Hansje van Halem : in patterns (Bijzondere Collecties UvA, 2017), Fotograaf: CassanderEeftinck Schattenkerk

Ik studeerde af in een tijd waarin er grotere budgetten waren, opdrachten voor het oprapen lagen en men zat te wachten op jong talent. Ik realiseerde me dat ik van de oude stempel ben en ik hen dus mijn formule niet kan meegeven." Ze hoopt dat de huidige generatie ontwerpers native zal zijn in beweging en in programmeren.

"Ik weet dat de opleidingen daar aandacht aan besteden, maar als ik portfolio’s opgestuurd krijg zie ik studenten die zeefdrukken en risoprinten of boekjes aan het binden zijn. Mij valt op dat ze nostalgisch bezig zijn. Daar kan ik niet zo veel mee, dat is voor mij op de achtergrond geraakt. Als lesmethode is het goed; je moet kleuren, schaal en compositie leren, maar ook beseffen dat het exclusieve dingen betreft die in praktijk niet zoveel voorkomen."  

Buikpijn

Zelf vond Van Halem de KABK te formeel en theoretisch. Ze kreeg letterontwerpen en kalligrafie en leerde hoe ze een 12-punts Timesletter uit de hand met een hard potlood moest schetsen. Vreselijk vond ze het. Maar zoals vaker gebeurt, kan een docent bepalend zijn voor de loop van een carrière. De internationaal vermaarde Gerard Unger, de ontwerper die regels van leesbaarheid en toe- pasbaarheid hoog in het vaandel had staan, was zo’n docent. 

Toen Van Halem na twee jaar overstapte naar de Rietveld Academie, zeiden haar vrienden: Oh, dan krijg je les van Gerard Unger, dat is zo’n held! "Ik wist niet eens wie die man was. Ik zei meteen tegen hem: Ik vind letterontwerpen stom, ik krijg er buikpijn van en wil stoppen. Gerard heeft me toen laten zien dat ik eerst gewoon iets moest maken, experimenteren en het snel zelf toepassen, zodat je ervaart wat je aan je ontwerp moet aanpassen." 

"Een klasgenoot had letters uit kaas geknipt. Daar kon hij serieus over praten; dat vond ik bijzonder. Hij was een man die bescheidenheid en ongelofelijk aan de top staan combineerde. Hij heeft mijn vooroordeel over letters opgeheven." Voor Unger was typografie een introductie om de deur open te zetten en te kijken of er iemand doorheen zou stappen. Juist door dingen te doen die niet hoorden werkte dat uitnodigend en bevrijdend, zeker voor Van Halem. Ze besloot niet eeuwenlang aan een letter te werken, maar maakte heel veel schetsen in korte tijd; het wordt vanzelf wel een familie, dacht ze. Unger heeft toen letterlijk gezegd: "Dat is interessant, wil je alsjeblieft doorgaan?" 

De huidige herwaardering van boeken  ziet de ontwerper als tegenhanger van het vluchtige. De boeken die gemaakt worden zijn niet meer bedoeld als informatiedragers zoals de Gouden Gids, maar zijn meer monumenten die je de kans bieden iets echt bijzonders te maken, meent ze. Van Halem, die een grote liefde voor boeken heeft en er zo’n veertig heeft gemaakt, werd tot blijdschap door de onlangs overleden Unger gevraagd Theory of Type Design vorm te geven, het boek waarin hij voor het eerst een compleet en toegankelijk geschreven theorie van het letterontwerp presenteerde. "Mijn kwaliteit als boekenontwerper is dat ik erg van microtypografie houd.  
Foto: Poster voor Pinar & Viola (Schrank8, 2011)

Unger wilde veel typografische illustraties en hij zocht naar de verrassing. Dat klopt wel bij mij. Toch vroeg ik me af waarom hij mij vroeg. Het moet een vergissing zijn, dacht ik nog. Hij wilde niet eens een van zijn eigen lettertypes op het omslag. Hij pakte mijn Sketchbook en zei: Ik wil dit." Hij koos een transparante letter van draden met dwars-verbindingen die genaaid lijken of door een spin geweven tot een web. Een groot voordeel van zoveel schetsen maken en die bewaren, is dat het een rijk archief oplevert van nog niet aan iets of iemand vergeven letters. Van Halem kan er nog altijd uit putten.

Afwas

Aan Gerard Unger blijft Van Halem nog even verbonden. Ze sprak over zijn invloed op haar tijdens de Dutch Masters Special in Pakhuis de Zwijger op 23 januari, een dag nadat Unger 77 jaar zou zijn geworden. Het was een eerbetoon aan een bijzondere ontwerper, docent, mentor en persoon. En zowel door hem als door uitgeverij De Buitenkant is ze gevraagd om zijn monografie te ontwerpen die in het najaar uitkomt. Worden boeken nu als bijzondere monumenten gezien, maar als gevolg van de economische crisis die in 2008 werd ingeluid werden de drukbudgetten flink naar beneden geschroefd en kregen veel ontwerpers het moeilijk. 

Odoo CMS - een grote afbeelding

Foto: perforatieontwerp voor hekwerk Smartgate (Schiphol, 2016) / Fotograaf: Cassander Eeftinck Schattenkerk

In 2010 begon Van Halem een eigen initiatief: Schrank8, een grote vitrinekast uit de jaren dertig die ze als minigalerie gebruikte om werk van zichzelf en van andere ontwerpers te exposeren. Het podium begon vanuit een eerlijke nieuwgierigheid naar andermans werk. "Een poster zeefdrukken koste nog niet zoveel, dat verdiende ik met biertjes verkopen wel weer terug. Het was een kleine circulaire economie." Het werd een groot succes, en Schrank8 werd zelfs in de alternatieve reisgidsen opgenomen.

Desondanks wilde Van Halem haar huis na drie jaar wel weer terug. "Dan zat ik in mijn studio, belde iemand op die een half uur later langs wilde komen, en dan moest ik plots terug naar huis en snel de afwas doen voordat diegene naar Schrank kwam kijken, terwijl mijn assistenten aan het werk waren op de studio." Diverse galeries die in die tijd in huiskamers begonnen zijn inmiddels gevestigde galeries, maar dat was nooit Van Halems ambitie. "Mijn liefde blijft ontwerpen. Ontwerpen gaat boven lesgeven, boven jureren, boven alles, altijd."