#Artikelen

30.06.2026

IPO en Spark: van opleiding naar praktijk

Foto: IPO Studio

De overgang van opleiding naar werkveld is voor veel jonge ontwerpers een sprong in het diepe. IPO Rotterdam, recent lid geworden, en ontwerpbureau Spark werken daarom al twintig jaar nauw samen.


Tekst door Natasja Admiraal


De komende tijd gaan we in gesprek met verschillende mensen die elk vanuit een ander perspectief naar die overgang kijken. Te beginnen met: Judith Van Weert-Deckers, docent en coördinator aan de opleiding IPO (Industrieel Product Ontwerpen), Robert Barnhoorn, medeoprichter van ontwerpbureau Spark Design & Innovation, en Jens Smets, oud-student IPO die stage liep bij Spark en later terugkeerde als werkstudent.

Bij Spark draait industrieel ontwerpen om meer dan vormgeving alleen. Technologie, engineering, productie en gebruikerservaring komen er samen. Robert omschrijft die aanpak als typisch Nederlands: integrale productontwikkeling. ‘Dat draait niet alleen om een mooi ontwerp,’ vertelt hij. ‘Je moet eerst doorgronden waaróm mensen iets willen gebruiken, of het maakbaar is en of het economisch haalbaar is. Die driehoek tussen technologie, businesscase en menselijkheid moet in balans zijn.’

Foto's: Judith Van Weert-Deckers, Robert Barnhoorn en Jens Smets

Ontwerpen begint bij leren denken

Die manier van ontwerpen vormt ook de basis van de opleiding IPO Rotterdam. ‘We leren studenten vooral hoe je naar een probleem kijkt,’ legt Judith uit. ‘Wat wil een opdrachtgever? Wat heeft een gebruiker nodig? Hoe analyseer je de context? Pas daarna ga je ideeën ontwikkelen, testen en uitwerken.’ Studenten bouwen die manier van werken stap voor stap op. In de eerste jaren krijgen ze veel begeleiding, later worden projecten zelfstandiger en complexer. ‘Bij hun afstuderen moeten studenten in principe een volledig ontwerpproces zelfstandig kunnen doorlopen, van analyse tot productieklaar ontwerp.’

Ook het curriculum verandert mee met het werkveld. Duurzaamheid is inmiddels structureel onderdeel van de opleiding. Studenten analyseren bijvoorbeeld kringloopproducten op materiaalgebruik, verbindingstechnieken en circulariteit, en maken product lifecycle analyses om de impact van ontwerpkeuzes inzichtelijk te maken. ‘Twintig jaar geleden zat dat nauwelijks in het onderwijs,’ zegt Judith. ‘Nu moeten studenten begrijpen hoe ontwerpkeuzes invloed hebben op hergebruik, reparatie en CO₂-uitstoot.’

Foto: Samenwerking projectgroep bij IPO

Echte opdrachten, echte deadlines

Voor Jens Smets werd die praktijkervaring bepalend in zijn ontwikkeling. Toen hij in 2022 een stage volgde bij Spark, trok de diversiteit van het bureau hem aan. ‘Je werkt aan totaal verschillende producten, voor uiteenlopende markten,’ vertelt hij. ‘En je stapt telkens op een andere plek in het ontwerpproces in. Dat leek me heel leerzaam.’ Tijdens zijn opleiding kreeg hij veel ruimte om verschillende kanten van het vak te verkennen. Tegelijkertijd merkte hij achteraf dat wat meer sturing in die oriëntatie hem had kunnen helpen. ‘Zeker aan het begin van de studie is het lastig om te overzien welke richtingen er allemaal zijn.’

Bij Spark merkte hij hoe ontwerpen in de praktijk werkt. Een project rond een openbare prullenbak bleef hem bijzonder bij. Daarbij werkte en bouwde hij mee aan een prototype. ‘Ik kwam erachter dat tijd een cruciale factor is. Je moet keuzes maken: waar besteed je je uren aan en wat levert echt waarde op?’ Die bewustwording bleek een belangrijke les van zijn stage. ‘Tijdens de opleiding heb je meer ruimte om eindeloos door te ontwikkelen. In een bureauomgeving leer je plannen, afbakenen en inschatten hoeveel tijd iets kost.’



“In de praktijk leer je dat tijd een cruciale factor is. Je moet keuzes maken: waar besteed je je uren aan en wat levert echt waarde op?”

–  Jens Smets, alumni IPO Rotterdam


Foto: Een productpresentatie van de zorgrobot Lea bij Spark

Verantwoordelijkheid nemen én geven

Wat Jens tijdens zijn stage daarnaast opviel, was hoe serieus hij werd genomen. Ideeën van stagiairs worden bij Spark gewoon meegenomen in gesprekken en projecten.’ Volgens Judith moeten studenten ook leren om actief hun plek in te nemen. ‘We proberen altijd mee te geven dat je tijdens je stage zelf verantwoordelijkheid moet nemen. Dus niet pas achteraf zeggen dat iets niet goed liep, maar tussentijds aangeven waar je tegenaan loopt.’

Robert ziet daarin ook een verantwoordelijkheid voor bedrijven. ‘Goede onboarding is ontzettend belangrijk. Nieuwe mensen moeten weten bij wie ze terechtkunnen en wat er van hen verwacht wordt.’ Tegelijkertijd draait het volgens hem om balans. ‘Je wilt stagiairs absoluut vrijheid geven, maar hen niet laten zwemmen. Je moet ook genoeg kaders bieden. Het is een lang proces geweest om dat in de vingers te krijgen.’



“Je moet begrijpen waarom mensen iets willen gebruiken, of het maakbaar is en of het economisch klopt.” 

–  Robert Barnhoorn, medeoprichter ontwerpbureau Spark


Foto: Samenwerken aan prototypes in de werkplaats van Spark

Van stagiair naar collega

Spark en IPO Rotterdam werken al samen sinds de opleiding bestaat, inmiddels meer dan twintig jaar. Regelmatig blijven studenten na hun stage verbonden aan het bureau. Volgens Judith is dat geen toeval, maar het resultaat van een praktijkgerichte opleiding. ‘Studenten werken al vroeg aan echte opdrachten voor echte opdrachtgevers. Daarna lopen ze een half jaar stage en studeren ze altijd af binnen een bedrijf.’

Dat gold ook voor Jens, die na zijn stage nog een zomer terugkeerde bij Spark, als werkstudent. Volgens Robert gebeurt die doorstroom vaker. ‘We krijgen veel nieuwe mensen via stages. Dat heeft voordelen: ze kennen het bedrijf, de cultuur en de collega’s al.’ Juist daarom moedigt hij studenten tegenwoordig aan om hun afstudeerstage soms bewust ergens anders te lopen. Dan doen ze ook ervaring op in een andere omgeving. ‘Dat is goed voor hun ontwikkeling – en eerlijk gezegd ook voor ons.’

Foto: De machinewerkplaats bij Spark

Internationale samenwerking

Internationale samenwerking hoort inmiddels vanzelfsprekend bij het ontwerpvak – en bij de opleiding. IPO werkt daarom regelmatig samen met buitenlandse opleidingen, onder meer in Engeland, Italië en Egypte. ‘Studenten leren samenwerken over culturele en taalgrenzen heen,’ vertelt Judith. ‘Dat is precies hoe de praktijk er tegenwoordig uitziet.’ Robert herkent dat vanuit Spark. Het bureau werkt vrijwel altijd internationaal: met producenten, leveranciers en opdrachtgevers. ‘Daarbij merk je hoe belangrijk communicatie is. Soms werkt een simpele schets beter dan een mondelinge uitleg.’

Volgens beiden gaat design daardoor over meer dan ontwerpen alleen. ‘Goed design is uiteindelijk een universele taal,’ zegt Judith. ‘Als mensen intuïtief begrijpen hoe iets werkt, overstijg je taal en cultuur. Nieuwsgierigheid blijft daarbij essentieel. De studenten die écht opvallen, zijn vaak onderzoekend en kritisch. Maar ook sociaal: succes maak je samen.’ Jens noemt daarnaast enthousiasme en leergierigheid als belangrijke eigenschappen. ‘Werkgevers zoeken mensen die graag willen leren.’



“De studenten die écht opvallen, zijn vaak onderzoekend en kritisch. Maar ook sociaal: succes maak je samen.”

–  Judith van Weert-Deckers, docent en coördinator IPO Rotterdam


Betere oriëntatie op het werkveld

Toch ziet Jens ook uitdagingen voor starters in het werkveld. ‘Als je begint met zoeken, merk je snel dat er niet veel klassieke industrieel-ontwerpfuncties zijn,’ zegt hij. ‘Veel rollen vertakken richting technisch tekenaar, projectmanager of productontwikkeling. Daarnaast zijn veel ontwerpbureaus klein, waardoor de doorstroom beperkt is. Hetzelfde geldt voor ontwerpafdelingen binnen grotere bedrijven. Daardoor moet je net geluk hebben dat er op het juiste moment een plek vrijkomt.’ Wat het extra ingewikkeld maakt: veel vacatures vragen meteen om meerdere jaren ervaring. ‘Maar als je nergens kunt beginnen, kun je die vlieguren ook niet maken.’

Volgens Jens zouden opleidingen studenten nog beter kunnen helpen bij die oriëntatie op het werkveld. Zelf kwam hij uiteindelijk terecht bij Lens BV in Rotterdam, gespecialiseerd in plaatbewerking en poedercoating. Het bedrijf werkt regelmatig aan complexe maatwerkoplossingen voor kunstenaars, architecten en productontwikkelaars. ‘We zoeken vaak de grenzen van het plaatwerk op. Daardoor sluit het werk eigenlijk verrassend goed aan op wat ik tijdens IPO en bij Spark heb geleerd.’

Foto: Eindejaarstentoonstelling van IPO

Continu in beweging

Zowel het onderwijs als de ontwerppraktijk blijven voortdurend in beweging. Nieuwe technologieën, veranderende markten en thema’s als AI en duurzaamheid vragen om een voortdurende wisselwerking tussen scholen en bedrijven. ‘We halen actief op wat er verandert in de praktijk,’ vertelt Judith. ‘Welke trends zien bedrijven? Waar zitten hiaten in de kennis van studenten? Wat doen zij met AI, en wat verwachten ze daarin van ons?’

Jens ziet die samenwerking het liefst nog intensiever worden. ‘Studenten kunnen veel bijdragen aan ontwerpbureaus. Ze denken vaak ongefilterd en komen soms met oplossingen waar professionals niet direct aan denken.’ Andersom zouden ontwerpers volgens hem vaker hun praktijkervaring kunnen delen binnen opleidingen. ‘Laat zien hoe projecten echt verlopen, welke keuzes je maakt en waar je tegenaan loopt. Dan weten studenten veel beter wat hen straks te wachten staat.’


Sluit je ook aan als onderwijsinstelling!


Aansluiting bij de BNO vergroot het netwerk van jullie opleiding binnen de sector en geeft het hele docententeam gratis of voordelige toegang tot trainingen, werkgroepen en events. Zo blijft de opleiding aangesloten op de actuele beroepspraktijk — en bereiden jullie studenten nóg gerichter voor op het vak.