Voor de vernieuwing van de zaal over het Oude Midden-Oosten in het Rijksmuseum van Oudheden werkte ruimtelijk ontwerper Anika Ohlerich van Archetypisch met wat er al was. Bijna alles bleef behouden, maar de ruimte kreeg een totaal andere uitstraling — een aanpak die ook duurzaam bleek. In dit interview vertelt ze hoe dat proces verliep en wat het opleverde.
Hoe ben je met deze opdracht gestart?
“Begin 2024 vroeg het Rijksmuseum van Oudheden mij om een herinrichting van de permanente zaal over het Oude Midden-Oosten. Er was geen budget voor een volledige vernieuwing; alleen enkele ‘cosmetische ingrepen’ waren mogelijk. Het doel was de zaal meer kleur en een gevarieerdere presentatie van de objecten te geven. Tegelijk was er een duidelijke beperking: alleen het middeneiland mocht worden aangepast, de podia langs de wanden moesten blijven staan.”
Welke aanpak heb je gekozen binnen de bestaande situatie?
“Wat op het eerste gezicht een lastige opdracht leek, bleek juist een kans. Door het beperkte budget werden we gedwongen anders te kijken naar materiaal en ontwerp. In plaats van nieuw te bouwen begon ik met een waardeonderzoek van de bestaande tentoonstelling. De constructie bleek solide en de vitrines en sokkels waren nog uitstekend bruikbaar. Uiteindelijk kon meer dan 90% van het bestaande materiaal worden hergebruikt.”
Welke keuzes maakte je bij het werken met het bestaande materiaal en de opzet van de zaal?
“Het centrale eiland vormde het uitgangspunt voor de nieuwe opzet. Het werd langs diagonale lijnen in stukken gezaagd en opnieuw verdeeld over de ruimte, waardoor scherpe, puntige podia ontstonden die inhoudelijke eilanden vormen. Deze fragmentatie sluit aan bij de wens van de conservator om de tentoonstelling geografisch in te delen: de eilanden corresponderen met verschillende regio’s, die ieder een eigen verhaal hebben maar ook in relatie tot elkaar staan.
Kleur en licht spelen een belangrijke rol in de beleving. De podia hebben een neutrale witte basis, terwijl heldere kleurenfolies op vitrines en translucente achtergronden accenten toevoegen. Elke regio kreeg een eigen kleurcode: groen voor Mesopotamië, donkerblauw voor de Levant, lichtblauw voor Iran en geel voor Assyrië.
Ook in hoogte is variatie aangebracht. Door blokken op de bestaande sokkels te plaatsen, worden objecten op drie niveaus gepresenteerd. Dit zorgt voor een dynamischer ritme en meer aandacht voor individuele stukken. In het midden van de zaal biedt een nieuwe bank ruimte om de tentoonstelling als geheel te ervaren.”
Op welke manier beïnvloedt het ontwerp de beleving van bezoekers?
“Het resultaat is een tentoonstelling waarin bezoekers niet alles in één oogopslag zien, maar stap voor stap ontdekken. Door de opdeling in losse, geografische eilanden, de variatie in hoogte en het gebruik van kleur en licht ontstaat een gelaagde ervaring, waarin objecten individueel aandacht krijgen en tegelijk onderdeel blijven van een groter geheel. Terwijl bezoekers zich verplaatsen, mengen de kleurenfolies zich tot steeds nieuwe schakeringen, symbolisch voor een regio die afhankelijk van het perspectief continu van karakter verandert.
Wat zou je andere ontwerpers meegeven die meer circulair of duurzaam willen werken?
“Dit project laat zien dat een circulaire aanpak niet alleen duurzamer en kostenefficiënter kan zijn, maar ook een krachtige ontwerpmethode is. Door bestaande materialen als vertrekpunt te nemen en opnieuw te gebruiken, ontstaat ruimte voor nieuwe ruimtelijke en inhoudelijke inzichten. Beperkingen in budget of middelen kunnen daarbij juist richting geven aan het ontwerp. Het vraagt om een andere houding: niet denken in wat ontbreekt, maar in wat al beschikbaar is en hoe dat opnieuw betekenis kan krijgen.”
Credits
Opdrachtgever: Rijksmuseum van Oudheden, Leiden
Ruimtelijk ontwerp: Archetypisch
Grafisch ontwerp: Sarah Saleh
Kaarten: Kathrin Hero
AV productie: Robbert Klein
Bouw: Produkt Interieurbouw
Print: Riwi Collotype
Foto’s: Mike Bink